Vrije Schippers_uitgelicht

Huis van de vrije Schippers – Opgraving in hartje Gent

In opdracht van het Havenbedrijf Gent en in het kader van de restauratie van het ‘Huis van de Vrije Schippers’, onder ontwerp en uitvoering van Callebaut-Architecten, heeft BAAC Vlaanderen recentelijk een kleinschalige archeologische opgraving uitgevoerd.

Het ‘Huis van de Vrije Schippers’ ligt op de oostelijke oever van de Leie, de Graslei, op de hoek met de Hazewindstraat. Vanaf de 13de eeuw ontwikkelde het stadskwartier tussen de Sint-Michielsbrug en de Grasbrug zich tot een belangrijke binnenhaven, die tot in de 18de eeuw een significante economische en commerciële betekenis zou hebben.

Aanvankelijk eigendom van de molenaarsgilde, kwam het pand in 1530 in handen van de vermogende gilde der Vrije Schippers, die het liet renoveren in de stijl van de Brabantse Gotiek. Sinds de teloorgang van de gilde in de 2de helft van de 17de eeuw wisselde het gebouw meermaals van eigenaar, functie en inrichting. Desondanks bleef het tot op heden structureel quasi intact. In 1897 werd het Schippershuis eigendom van de staat, waarop een restauratie volgde van de voorgevel en van het interieur in neogotische stijl. Sedert 1943 is ‘het gildehuis der Vrije Schippers’ beschermd als monument. Ook maakt het deel uit van een beschermd landschap, en van een beschermd stadsgezicht.

Tijdens de archeologische opgraving werden de binnenkoer/tuintje en het kelderniveau van het pand onderzocht. In de kleine tuin werden geen archeologische resten aangetroffen. Vermoedelijk werd de ondergrond danig verstoord bij het plaatsen van een enorme waterput aan het begin van de 20e eeuw. De opgraving binnenin de kelder leverde daarentegen data op betreffende de bouwgeschiedenis van het Schippershuis en de bodemopbouw op de locatie. Zo kon een 4-delige fasering worden gedocumenteerd in de vloeropbouw, met onderin een systeem van drainage. Onder deze vloer werd de onderkant van een gemetste beerput aangetroffen. Deze bleek echter te zijn geruimd. Verder lijkt de aanwezigheid van een zandige opduiking op de locatie te worden bevestigd.